Wat is het westnijlvirus?

Het westnijlvirus circuleert van nature tussen vogels en muggen. Mensen raken besmet wanneer een besmette mug hen steekt. De meeste mensen merken niets van een besmetting; een klein deel krijgt griepachtige klachten en een zeer klein deel wordt ernstig ziek.

In Nederland speelt vooral de gewone huissteekmug (Culex pipiens) een rol. Deze mug komt al decennia voor in Nederlandse tuinen en slaapkamers. Door warmere zomers kan het virus zich makkelijker verspreiden dan voorheen.

Actuele situatie in Nederland (2026)

In de zomer van 2026 meldde het RIVM meerdere besmettingen met het westnijlvirus in Nederland. Besmettingen werden vastgesteld in onder meer Utrecht en Brabant. Eind augustus werd het eerste dodelijke slachtoffer gemeld: iemand in Utrecht overleed na een infectie die in Nederland was opgelopen.

Ambtenaren en artsen benadrukken dat de totale kans op besmetting en ernstige ziekte nog altijd klein is. Tegelijk waarschuwen ze dat het aantal gevallen kan stijgen als de warme periode aanhoudt en muggen actief blijven. De boodschap van minister Hermans sluit hierop aan: bescherming tegen muggen is de belangrijkste preventiemaatregel.

Klachten en symptomen: wat kun je merken?

Bij de meeste mensen verloopt een besmetting met het westnijlvirus zonder klachten. Wie wel ziek wordt, krijgt vaak lichte, griepachtige verschijnselen.

Veelvoorkomende klachten zijn:

  • Koorts
  • Hoofdpijn
  • Spierpijn en gewrichtspijn
  • Vermoeidheid
  • Soms huiduitslag of gezwollen klieren

Deze klachten beginnen meestal enkele dagen tot twee weken na een muggenbeet en duren vaak enkele dagen tot een week.

Bij een klein deel van de patiënten, vooral bij ouderen en mensen met een onderliggende ziekte, kan het virus het zenuwstelsel aantasten. Dit noemen artsen neuro‑invasieve westnijlkoorts.

Rode vlaggen: wanneer direct medische hulp zoeken

Neem bij de volgende situaties contact op met de huisarts of, bij ernstige klachten, met 112:

  • Hoge koorts met ernstige hoofdpijn en nekstijfheid
  • Verwardheid, sufheid of bewustzijnsverandering
  • Plots optredende spierzwakte, vooral in armen of benen
  • Moeite met praten, slikken of lopen
  • Ernstige klachten bij iemand met een chronische ziekte, hoge leeftijd of verzwakt afweersysteem

Wie loopt extra risico?

Niet iedereen loopt hetzelfde risico op ernstige ziekte na een besmetting met het westnijlvirus. De volgende groepen hebben een verhoogd risico op een ernstig verloop:

  • Ouderen, vooral vanaf ongeveer 60 jaar
  • Mensen met chronische ziekten zoals hart‑ en vaatziekten, diabetes of longziektes
  • Mensen met een verzwakt afweersysteem (bijv. door medicatie of een ziekte)
  • Mensen die veel buiten zijn in de schemering en nacht, wanneer de gewone huissteekmug actief is

Kinderen kunnen ook besmet raken, maar ernstige ziekte komt bij hen minder vaak voor dan bij kwetsbare volwassenen.

Zo bescherm je jezelf tegen muggen

De kernboodschap van minister Hermans is simpel: bescherm jezelf tegen muggen, dan bescherm je jezelf tegen het westnijlvirus. Preventie richt zich op het beperken van muggen in en rond huis en het voorkomen van beten.

In en rond huis

  • Verwijder stilstaand water. Muggen leggen hun eitjes in stilstaand water. Loop je tuin, balkon en schuur na op emmers, bloempotschotels, gieters, oude banden en verstopte dakgoten. Giet water weg of dek het af.
  • Dek regentonnen af. Gebruik een deksel of fijnmazig gaas zodat muggen niet in het water kunnen komen.
  • Plaats horren. Horren voor ramen en deuren, vooral in de slaapkamer, houden muggen buiten.
  • Gebruik een klamboe. Bij veel muggen in de slaapkamer kan een klamboe boven het bed extra bescherming bieden, zeker voor baby’s en jonge kinderen.

Op de huid en kleding

  • Draag bedekkende kleding. In de schemering en nacht, wanneer de gewone huissteekmug actief is, helpt een lange broek en lange mouwen om beten te voorkomen.
  • Gebruik muggenwerende middelen. Middelen met DEET of Icaridin werken goed tegen steekmuggen. Smeer ze in op onbedekte huid, volgens de bijsluiter. Let op bij kinderen, zwangeren en mensen met een gevoelige huid: kies een middel dat voor hun groep geschikt is en volg de aanwijzingen op de verpakking.
  • Vermijd sterke geuren. Sterke parfums en geurige lotions kunnen muggen aantrekken; neutrale producten werken vaak beter in het muggenseizoen.

Buiten activiteiten

  • Tuin en balkon. Zitten bij schemering? Draag lange kleding en gebruik eventueel een muggenmiddel. Zet geen open waterbakken neer waar muggen in kunnen leggen.
  • Kamperen en festivals. Kies een plek uit de wind, gebruik horrententen of klamboes, en smeer muggenmiddel voordat je ’s avonds buiten gaat zitten.
  • Avondwandelingen en sport. Plan intensieve buitenactiviteiten zo mogelijk eerder op de dag. Draag bij avondactiviteiten bedekkende kleding en overweeg een muggenmiddel.

Specifieke situaties

  • Baby’s en jonge kinderen. Gebruik bij baby’s vooral fysieke bescherming: klamboe, horren, bedekkende kleding. Gebruik muggenmiddelen alleen als ze volgens de verpakking geschikt zijn voor de leeftijd; bij twijfel overleg je met de huisarts of apotheker.
  • Mensen die buiten werken in de avond. Tuinlieden, horecamedewerkers en anderen die ’s avonds buiten werken, kunnen bedekkende kleding dragen en een muggenmiddel gebruiken dat geschikt is voor regelmatig gebruik.
  • Huisdieren. Ook dieren zoals paarden kunnen het westnijlvirus oplopen. Voor paarden bestaat in sommige landen een vaccin; overleg met een dierenarts over maatregelen zoals stalhorren en muggenwerende middelen voor dieren. Honden en katten worden minder snel ernstig ziek, maar ook zij kunnen door muggen gestoken worden.
  • Reizigers. Het westnijlvirus komt ook voor in delen van Zuid‑Europa, Afrika, Azië en Noord‑Amerika. Gelden dezelfde principes: bescherming tegen muggen blijft de belangrijkste maatregel, zeker in warme maanden.

Mythes en feiten

Rond het westnijlvirus circuleren verschillende misvattingen. Hieronder de belangrijkste mythes en de feiten.

  • Mythe: Alleen exotische tijgermuggen verspreiden het westnijlvirus.
    Feit: In Nederland is vooral de gewone huissteekmug (Culex pipiens) betrokken bij de verspreiding. Deze mug komt al lang voor in Nederlandse tuinen en huizen.
  • Mythe: Je kunt het westnijlvirus van andere mensen krijgen.
    Feit: Het virus wordt niet via normaal contact, hoesten of niezen overgedragen. Besmetting gebeurt vrijwel uitsluitend via een beet van een besmette mug.
  • Mythe: Alle muggen dragen het westnijlvirus.
    Feit: Slechts een klein deel van de muggen is besmet. De meeste muggenbeten leiden niet tot een infectie.
  • Mythe: DEET is onveilig en moet je niet gebruiken.
    Feit: DEET is een van de best onderzochte muggenwerende middelen. Bij correct gebruik volgens de bijsluiter is het veilig voor de meeste mensen. Voor specifieke groepen (jonge kinderen, zwangeren) gelden extra richtlijnen; lees daarom altijd de verpakking.

Wat doen overheid en GGD?

De Nederlandse overheid, het RIVM en de GGD’en monitoren het westnijlvirus en de muggenpopulatie. Zij verzamelen gegevens over besmettingen bij mensen, vogels en muggen.

Op basis van deze gegevens geven zij adviezen aan burgers, zorgverleners en gemeenten. Bij een toename van besmettingen kunnen maatregelen worden overwogen, zoals extra communicatie, advies aan zorginstellingen of gerichte muggenbestrijding in bepaalde gebieden.

Burgers kunnen via de websites van het RIVM en hun lokale GGD actuele informatie vinden over het westnijlvirus en muggen. Bij vragen over klachten of risico’s is de huisarts het eerste aanspreekpunt.

Checklist: wat kun je vandaag nog doen?

Met een paar concrete acties verklein je direct de kans op muggenbeten en daarmee op het westnijlvirus.

  • Loop je tuin, balkon en schuur na en giet alle stilstaande waterbakken leeg.
  • Dek regentonnen en andere wateropslag af met een deksel of fijn gaas.
  • Controleer of horren voor ramen en deuren goed sluiten; repareer gaten.
  • Leg een klamboe klaar voor de slaapkamer, zeker als er ’s nachts veel muggen zijn.
  • Zorg voor bedekkende kleding (lange broek, lange mouwen) voor avondactiviteiten buiten.
  • Haal een muggenmiddel met DEET of Icaridin in huis en lees de bijsluiter.
  • Bespreek met je gezin of huishouden wie extra risico loopt en welke maatregelen voor hen gelden.

Veelgestelde vragen (FAQ)

Kan ik het westnijlvirus krijgen zonder muggenbeet?
Nee, besmetting gebeurt vrijwel uitsluitend via een beet van een besmette mug. Overdracht via bloedtransfusie of orgaandonatie is theoretisch mogelijk, maar wordt in Nederland door screening sterk beperkt.

Hoe lang duurt het voordat je klachten krijgt na een beet?
De incubatietijd is meestal 3 tot 14 dagen. De meeste mensen krijgen geen of lichte klachten; ernstige ziekte ontstaat bij een klein deel van de besmette personen.

Bestaat er een vaccin of behandeling?
Er is op dit moment geen specifiek vaccin voor mensen tegen het westnijlvirus en geen gerichte antivirale behandeling. Zorg is vooral ondersteunend: koortsremmers, vocht, en bij ernstige gevallen ziekenhuiszorg.

Moet ik naar de huisarts bij lichte griepklachten in de zomer?
Bij lichte, kortdurende griepklachten is een belafspraak met de huisarts vaak voldoende. Bel direct bij ernstige klachten zoals hoge koorts met verwardheid, nekstijfheid of plots optredende spierzwakte, zeker als je tot een risicogroep behoort.

Is het veilig om nog buiten te zitten in de avond?
Ja, de kans op ernstige ziekte blijft klein. Door bedekkende kleding te dragen, muggenmiddelen te gebruiken en muggen in en rond huis aan te pakken, kun je de risico’s verder beperken.

Dit artikel is gebaseerd op recente berichtgeving en adviezen van onder meer RTL Nieuws, Hart van Nederland, het RIVM en regionale GGD’en over het westnijlvirus in Nederland in 2026, inclusief de uitspraken van zorgminister Sophie Hermans.

Bekijk per categorie
Meest gelezen
Bekijk onze partners
Limburg Brabant Zuid-Holland Utrecht Gelderland