Adenoïd

Onderwerp uit hoofdstuk A

Adenoïd ook genoemd neusamandel of derde amandel. De neusamandel beschermt samen met de keelamandelen (tonsillen) de luchtwegen tegen infecties. Onder invloed van ziektekiemen in de inademingslucht kan het adenoïd opzwellen. Dit komt voornamelijk bij kinderen voor; men spreekt dan van adenoide vegetaties. Na de puberteit behoort het adenoïd verdwenen te zijn. Naast vergroting treedt ook zeer vaak een ontsteking van het adenoïd ( adenoïditis ) op.

Adenoïd

Gevolgen van een vergroot adenoïd, vooral als dit ook nog ontstoken is, kunnen zijn:

a. In het oor. Het slijmvlies van de buis van Eustachius kan ontstoken en gezwollen zijn; het adenoïd kan deze buis dichtdrukken wat leidt tot verminderde gehoorscherpte. Ook kan, door de verhoogde infectiekansen, gemakkelijker een middenoorontsteking optreden.

b. In de luchtwegen. Neusverkoudheid, neusbijholte ontstekingen (sinusitis) en bronchitis komen vaker voor. De ademhaling door de mond heeft een ongunstige invloed op het gebit.

c. Algemeen. De kinderen zijn vaak lusteloos en hebben weinig eetlust; ze maken een suffe, inactieve indruk.

Behandeling bestaat uit operatieve verwijdering (adenotomie)

Laat een reactie achter